Tot de kern: utkatasana

In de “tot de kern”-reeks bespreek ik iedere keer een yoga-houding met daarbij de volgende vragen in het achterhoofd: Wat is de houding? Wat zijn de opkomende associaties? Wat zegt mijn lijf? Hoe reageert mijn gemoed? En de vraag aan jou: hoe ervaar jij deze houding?

Vandaag ga ik tot de kern van utkatasana.

yoga fotoos-7

“De stoel” wordt deze houding ook wel genoemd. Of daarmee wordt bedoeld dat het kan lijken dat je op een stoel zit of dat je er zelf uit ziet alsof je een design stoel zou kunnen zijn, is mij niet helemaal duidelijk. Een heerlijk intensieve houding, waarin lekker veel van je lijf gevraagd wordt en welke je zo uitdagend kunt maken als voor jouw lichaam en dat moment prettig is.

Je begint staand en je kunt ervoor kiezen in tadasana te gaan staan of met je voeten iets uit elkaar. Van belang is dat je in deze houding niet de knieën tegen elkaar duwt, dus kies de beginhouding welke dit voor jou mogelijk maakt. De knieën mogen tijdens utkatasana elkaar wel raken, maar gebruik geen kracht om ze bij elkaar te houden.

Ga met een rechte rug licht door de knieën en breng met een wijde boog je armen boven je hoofd. Beide bewegingen worden tegelijk uitgevoerd. In de eindhouding zijn de voeten stevig in de vloer, de knieën gebogen – als je naar beneden zou kijken, zou je je voeten niet meer zien – de billen steken iets uit, de rug is recht en de romp helt iets voorover (maximaal een hoek van 45 graden). De armen zijn langs de oren omhoog gestrekt zonder dat de schouders richting de oren worden opgetrokken en de handen worden tegen elkaar geplaatst.

Twee dingen die aandacht vragen in deze houding zijn de billen (het staartbeen) en de handen. Ten eerste is het niet de bedoeling om een zogenoemd bijzettafeltje van je billen te maken. Blijf het staartbeen naar beneden richten als je door de knieën gaat. De verleiding kan zijn om de rug wat hol te trekken, omdat je op deze manier wellicht dieper door de knieën kan. Het idee is echter om het staartbeen richting de vloer te laten wijzen. Ten tweede worden de handen altijd tegen elkaar geplaatst. Dit kan betekenen dat je de armen niet helemaal kunt strekken. Gebogen ellebogen is dan ook een prima oplossing als de rek in de schouders (nog) niet groot genoeg is.

Ik moet eerlijk zeggen dat ik dit als houding al een mooie uitdaging vind. Is dit voor jou een soepele houding en ben je op zoek zijn naar meer intensiteit? Probeer dan dieper door de knieën te zakken en voel de spanning in zowel benen als armen. Ik heb mensen gezien die zo diep door de knieën kunnen dat er een mooie hoek van 90 graden ontstaat. Tevens kun je meer intensiteit opzoeken door over de duimen naar het plafond te kijken.

Om uit deze houding te komen, kun je twee kanten op. Of je rond af door de benen te strekken, tegelijk de armen in een boog naar beneden te brengen en in tadasana te gaan staan of je gaat verder met de tweede zonnegroet (in Ashtanga) door de armen in een boog naar beneden te brengen, voorover te buigen, de benen te strekken en de handen richting de voeten te bewegen.

Namasté

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s