Tot de kern: trikonasana

In de “tot de kern”-reeks bespreek ik iedere keer een yoga-houding met daarbij de volgende vragen in het achterhoofd: Wat is de houding? Wat zijn de opkomende associaties? Wat zegt mijn lijf? Hoe reageert mijn gemoed? En de vraag aan jou: hoe ervaar jij deze houding?

Vandaag ga ik tot de kern van trikonasana.

yoga fotoos-3

Heerlijk uitdagend en prettig openend is deze houding die ook bekend staat als de driehoek. Redelijk in het begin van de primary series van Ashtanga (na de zonnegroeten A en B) is dit een houding welke als één van de eersten de rek in de flanken en de draaiing in de torso opzoekt. Het is een houding waarin veel te onderzoeken en leren valt. Tot op de dag van vandaag merk ik dat ik goed op moet letten als ik in deze houding kom staan en nog regelmatig heb ik correctie nodig. Leerzaam en prettig!

Ga dwars op je mat staan en plaats de voeten wijder dan heupbreedte. Een yogaleraar had een lichtelijk lugubere maar desalniettemin bruikbare indicatie: als je 1 van je benen af zou hakken boven bij de heup en op de grond zou leggen, zover dienen je voeten uit elkaar te staan. Draai nu de linkervoet naar binnen in een hoek van 45 graden. De rechtervoet plaats je vervolgens in een hoek van 90 graden naar buiten. De tenen van de rechtervoet wijzen dus naar de wand rechts van je. Draai het bekken, zodat deze recht vooruit wijst richting de muur waar je naar kijkt.

Spreid nu je armen op schouderhoogte. Draai je hoofd een kwartslag en kijk over je rechterarm, strek op een inademing naar rechts (alsof er iemand aan je rechterhand zou trekken) en breng op een uitademing je rechterhand naar beneden. Buig je rechterknie niet en verplaats je heupen niet: de strekking komt uit de flanken, niet uit de heupen. Plaats je rechterhand daar waar het prettig en uitdagend voor jou is. Dit kan op je rechterknie zijn, dit kan op je onderbeen zijn, je enkel, je voet of met de handpalm vlak op de vloer, terwijl de vingers naar de rechtermuur wijzen (aan de buitenzijde van de rechtervoet).

Je linkerhand is als het goed gestrekt richting het plafond. Als dit door de focus op waar de rechterhand te plaatsen niet meer zo is, doe dit dan nu alsnog. Je palm wijst naar de muur recht voor je en je vingers zijn gestrekt, maar tegen elkaar. Draai nu je nek en kijk naar je linkerhand. Om naar je hand te kijken, draai je alleen je nek: beweeg je hoofd niet naar voren, naar boven of naar achteren.

Iedere inademing probeer je of je je borst meer kunt openen, iedere uitademing zoek je de draaiing op. Hoe lang je in deze houding blijft staan, hangt af van de yogareeks die je aan het volgen bent. In Ashtanga blijf je 5 ademhalingen in deze houding staan. In meer flow-achtige yogavormen zul je na 1 ademhaling reeds uit de houding komen. Dit doe je door je blik op een uitademing te verplaatsen van je linkerhand naar je rechterhand. Op een inademing kom je vervolgens rustig omhoog, gebruik de gehele inademing voor deze beweging. Hou je armen gespreid op schouderhoogte en op de volgende uitademing laat je je armen zakken. Spiegel vervolgens de houding door de rechtervoet in een hoek van 45 graden naar binnen te plaatsen en de linkervoet in een hoek van 90 graden met de tenen wijzend naar de linker muur. Nu gaat de beweging naar links. Als ook de linkerzijde is afgerond, kom je terug omhoog en stap je terug naar de voorzijde van de mat.

Hari Om Tat Sat

2 Reacties op “Tot de kern: trikonasana

  1. Pingback: Tot de kern: virabhadrasana A | Kernyoga·

  2. Pingback: Tot de kern: virabhadrasana B | Kernyoga·

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s